Verwante pagina:
Observeren van
gevoelens
Relativeren
Relativeren is een belangrijke vaardigheid in het leven.
Relativeren betekent de betrekkelijkheid van dingen inzien: de dingen zien
in hun betrekking tot andere zaken en gebeurtenissen, in relatie tot een
ruimer geheel. En ook: de dingen gewoon nemen zoals ze zijn, zonder al te
veel opwinding of teleurstelling.
De dorpsbewoners in het volgende verhaal isoleren en verabsoluteren elke
afzonderlijke gebeurtenis, en geven snel een etiket: geluk of
ongeluk. Maar geluk, wat is dat?
Wat is geluk?
Er was eens
een arme oude man, wiens enige bezit een schitterende schimmel was. Al
jaren hadden de mensen uit zijn dorp hem gezegd het paard te verkopen
omdat het een hoop geld zou opbrengen, en hij verder geen cent had om uit
te geven. Maar de oude weigerde om dat te doen. "Het paard is een deel van
mijn familie, en je familie verkoop je niet", was steeds zijn antwoord.
Op een nacht verdween het paard uit zijn stal en de mensen zeiden: "Zie je
nou wel, ouwe, dan had je maar niet zo dom moeten zijn en het beest moeten
verkopen. Nou heb je helemaal niks meer. Een groter ongeluk had je niet
kunnen overkomen." Maar de oude man zei: "Wie weet of het een geluk is, of
een ongeluk. Het enige dat ik weet is dat mijn paard
weg is. Maar of het een ongeluk is?"
Enkele weken later kwam het paard op een nacht met twaalf andere, wilde
paarden terug naar de stal. Blijkbaar was het losgebroken om zijn
soortgenoten te zoeken, en had het uiteindelijk de weg naar zijn baas
teruggevonden. De mensen uit het dorp zeiden: "Ouwe, je had volkomen
gelijk. Het was helemaal geen ongeluk, maar juist een geluk dat het beest
er vandoor ging, want nu ben je een rijk man." Maar de oude antwoordde:
"Wie weet of het een geluk of een ongeluk is. Het enige dat ik weet is dat
het dier met twaalf andere paarden is teruggekomen."
In de volgende weken probeerde de zoon van de oude man de wilde paarden te
temmen, en viel daarbij van een woeste hengst. Zijn beide benen werden
verbrijzeld. De mensen uit het dorp zeiden: "Ouwe, je had gelijk, zo'n
geluk was het inderdaad niet dat je paard met die anderen is teruggekomen.
Nu is je zoon invalide. Een groter ongeluk kon je haast niet overkomen!"
De oude man zuchtte, en zei: "Wanneer houden jullie nou eindelijk eens op
met te doen alsof je vandaag al weet hoe het morgen zal zijn? Het enige
dat ik weet is dat mij vandaag een ongeluk is overkomen."
Een paar maanden later brak er oorlog uit in het
land. Alle gezonde jonge mannen van het dorp moesten in het leger dienen
en werden naar het front gestuurd. Geen ייn keerde
levend in het dorp terug.
En wat zeiden de mensen als ze de oude man met zijn invalide zoon
tegenkwamen...?
|